12 September 2024
H. Philippe Smaldone
Dierbare Vrienden,
In 1868 verlaat een jonge Napolitaanse seminarist diep teleurgesteld het aartsbisschoppelijk paleis; zijn aartsbisschop heeft hem zojuist gezegd dat hij hem niet tot priester zal wijden, vanwege onvoldoende resultaten op de examens. Nadat hij heeft nagedacht over de tegenslag die het lot hem heeft toegebracht en die een einde schijnt te maken aan de droom van zijn leven, besluit de jongeman onderwijzer te worden voor jonge verwaarloosde doofstommen. Gods Voorzienigheid zal zich van dit voorval bedienen om de Kerk een nieuwe geloofsgemeenschap te geven.
Filippo (Philippe) Smaldone is op 27 juli 1848 in Napels geboren als oudste in een gezin van zeven kinderen. Zijn ouders, Antonio en Maria Concetta, horen bij de middenstand. Antonio heeft een handel in bouwmaterialen in een volkswijk van Napels. De kinderen ontvangen een diep christelijke opvoeding en worden aangemoedigd tot werken van naastenliefde. Filippo studeert in de 吒Capella Serotina因 van Heilige-Maria-van-de-Zuiverheid en ontwikkelt gevoel voor het goddelijke. In 1858 doet hij zijn Eerste Communie. De 吒Avondkapellen因, centra van catechese en geestelijke vorming, bedoeld voor het volk, zijn gesticht in Napels door heilige Alfonsus-Maria van Liguori (1696-1787, Kerkleraar); er waren er zeventig ten tijde van Filippo, die daar levendig en toegankelijk catechismusonderricht genoot Hij leert de Rozenkrans te bidden.
Italië kent enige decennialang roerige tijden door de beweging Risorgimento, die streefde naar de eenmaking van Italië. Bij een legitiem streven naar nationale onafhankelijkheid voegt zich vaak een vijandig gevoel jegens de Kerk en de geestelijkheid. In 1860 ontscheept de condottiere Garribaldi (legeraanvoerder) op Sicilië aan het hoofd van een duizendtal vrijwilligers; vandaar trekt hij op naar Napels dat hij overmeestert ten gevolge van verraad van de troepen van de Bourbon koning François II. Het koninkrijk der Beide Siciliën wordt weldra geannexeerd door Victor Emmanuel II, zelf uitgeroepen koning van Italië. Omdat hij heeft geprotesteerd tegen deze gewelddaad wordt kardinaal Riario Sforza, aartsbisschop van Napels, door de nieuwe gezaghebbers verbannen, terwijl een honderdtal invloedrijke priesters wordt gearresteerd.
In deze moeilijke context hoort Filippo Smaldone, geleid door zijn biechtvader, de roep van Jezus om Hem te volgen in het priesterschap. In september 1863 wordt hij op vijftienjarige leeftijd toegelaten tot de Napolitaanse geestelijkheid en ontvangt de soutane. Hij blijft thuis wonen en zet zijn studie in de humaniora voort in een bisschoppelijk college.. Vanwege de door de regering in bezit genomen kerkelijke goederen kunnen de seminaristen pas gewijd worden wanneer ze beschikken over een jaarlijkse toeslag. De vader van Filippo heeft de middelen niet om die hem te verschaffen, maar een bevriende priester schiet toe om die hem te bezorgen. In december 1866 verleent de uit zijn ballingschap teruggekeerde kardinaal Riario Sforza de twee eerste kleine wijdingen, eerste etappe naar het priesterschap.
Deze overigens opmerkelijke prelaat –Benedictus XVI heeft in 2012 een decreet afgekondigd dat zijn heldhaftige deugden – stelt hoge intellectuele eisen van de seminaristen. Na het dossier van Filippo Smaldone te hebben onderzocht stuurt de kardinaal, met volledige erkenning van diens morele kwaliteiten, hem weg uit het seminarie; er zijn heiligen die soortgelijke moeilijkheden hebben ontmoet, in het bijzonder Johannes Maria Vianney, de Pastoor van Ars. Maar in het hart van de jongeman blijft het gevoel voortbestaan dat God hem wil als priester, en zijn biechtvader, don Biagio Giustiniani, moedigt hem aan een andere bisschop te zoeken die hem in zijn bisdom opneemt; hij beveelt hem de aartsbisschop van Rossano in Calabrië aan, Mgr. Pietro Cilento. Deze laat Filippo met Kerstmis 1868 bij hem komen; gesticht door deze jongeman verklaart hij zich weldra bereid te zijn hem te incardineren, dat wil zeggen hem op te nemen in zijn diocesane clerus. Daarvoor ontvangt hij in februari 1869 de toestemming van Paus Pius IX.
Hetzelfde jaar wordt Filippo aangenomen als onderwijzer voor doofstomme kinderen. Het 吒Pia Casa因 (Vrome Huis) waar hij komt te werken is gesticht in Napels op 21 juni 1856 door een priester, don Luigi Aiello. Deze had gedroomd van een religieuze congregatie met een mannelijke en een vrouwelijke tak, gewijd aan het onderricht van doofstomme kinderen. In 1862, wanneer hij er niet in geslaagd is de stichting tot stand te brengen, vertrouwt don Aiello, die zijn krachten voelt afnemen, de opvoeding van de dove meisjes toe aan de congregatie van de Zusters Stigmatines. De jongens worden overgenomen door de 吒Frati Bigi因, Franciscanen van Casoria; in hun Napolitaans klooster begint Filippo Smaldone, onder leiding van don Apicella, de opvolger van don Aiello, de catechismus te onderwijzen aan de jongens. Na zijn kerkelijke studies te hebben voltooid wordt hij tot het priesterschap toegelaten door Mgr. Cilento, op gunstig advies van zijn geestelijk leidsman en don Apicella. Hij wordt gewijd in Napels op 23 september 1871 door een bisschop missionaris. Van Mgr. Cilento mag de jonge priester in Napels blijven om er te studeren en voor de doven te zorgen. Terwijl hij in het vaderlijk huis woont oefent Filippo in de stad een discreet apostolaat uit.. Maar het 吒Pia Casa因 kent ernstige moeilijkheden in zijn functioneren. In 1873 onttrekt don Apicella het aan de 吒Frati Bigi因 die er niet goed genoeg voor zorgden en draagt het over aan Santa Maria del Monte, maar deze verandering is niet echt een succes. Don Smaldone lijdt eronder en voelt in zijn hart het verlangen groter worden om te vertrekken als missionaris naar een ver land. Dit plan verontrust zijn ouders; zij wijzen Filippo erop dat het apostolaat van de doven een waarachtig missionair werk is omdat deze kinderen totaal aan hun lot zijn overgelaten, in het bijzonder in geestelijk opzicht. In die tijd durft men in de Kerk doof geborenen (behalve het Doopsel) geen sacramenten toe te dienen vanwege hun godsdienstige onwetendheid die te wijten is aan hun handicap. Hun eeuwig heil is dus in gevaar, bij gebrek aan ordelijk godsdienstig onderricht en sacramenteel leven.
Bijzondere eerbied
Met steun van de Heilige Geest heeft de Kerk nagedacht over dit probleem. Het 吒Directorium voor de catechese因, gepubliceerd op 23 maart 2020 door de pauselijke Raad voor de Nieuwe Evangelisatie, verklaart: 吒Gehandicapte personen zijn geroepen tot volheid van sacramenteel leven, zelfs wanneer ze te maken hebben met ernstige stoornissen. De sacramenten zijn gaven van God en de liturgie dient om beleefd te worden, zelfs nog voor zij rationeel wordt begrepen; niemand kan dus de sacramenten weigeren aan gehandicapten alleen omdat ze een handicap hebben (nr. 272). In dezelfde geest leert de Catechismus van de Katholieke Kerk: 吒Mensen van wie het leven kwalitatief verminderd of verzwakt is verdienen een bijzondere eerbied. Zieken en gehandicapten moeten geholpen worden om een leven te leiden dat zo normaal mogelijk verloopt因 (nr. 2276).
Filippo’s biechtvader, don Giustiniani, die diens situatie heel goed kende en precies wist wat hij dacht, verzekert dat diens verlangen missionaris te worden van God komt, maar dat het land dat hij door God geroepen is te evangeliseren geen ver land is 吒Jouw China is hier, in Napels, jouw ongelovigen zijn de doofstommen. God wil jou hier!因 Filippo legt zich bij deze constatering neer; in 1876 vestigt hij zich in Santa Maria del Monte waar hij voortaan zijn apostolaat voltijds zal uitoefenen. Weldra neemt kardinaal Riario Sforza, uit de droom geholpen, hem weer op in de Napolitaanse clerus. In 1880 wordt don Smaldone als expert naar een internationaal congres over de opvoeding van doofstommen in Milaan gestuurd. Daar legt hij de laatste hand aan zijn opvoedkundige methode, gebaseerd op de oraliteit, die hij in de loop der jaren zal perfectioneren. Deze methode bestaat eruit doven geleidelijk te leren lezen door liplezing en de lettergrepen uit te spreken. Tegenwoordig is deze methode achterhaald door de methode van de gebarentaal die vruchtbaarder is gebleken..
Een smeekbede aan de Madonna
In de zomer van 1884 breekt in Napels een cholera-epidemie uit. Men telt meer dan 12.000 gevallen en 5.500 doden. In navolging van zijn nieuwe aartsbisschop, kardinaal Sanfelice, die de straat zal opgaan om de zieken zelf hulp te bieden, zet don Smaldone zich met hart en ziel in voor dit apostolaat.. In gezelschap van een groep gelovigen begeeft hij zich naar het heiligdom van Pompeï, onlangs geopend door een leek, de zalige Bartolo Longo, om de Madonna te smeken de Napolitanen te hulp te komen. Filippo heeft in de volgende bewoordingen een smeekschrift neergelegd voor het beeld van Maria 吒De ondergetekende nederige en ontredderde zondaren nemen hun toevlucht tot de Koningin van de Rozenkrans van Pompeï, de Heilige Maria-van-de-Victorie, om haar te bidden de door hun zonden beledigde gerechtigheid van God te verzachten, opdat Hij hen eerst behoede voor de dood, dan voor de cholera die deze aarde verschrikkelijk teistert. Zij beloven een offergave te brengen aan dit heiligdom zodra de epidemie zal zijn opgehouden, en als geen van hen eraan sterft.因
Op 13 september, terwijl hij zich bovenmatig inzet voor de choleralijders, wordt Filippo zelf door de ziekte aangetast; in de loop van de avond wordt zijn toestand hopeloos geacht.. Een Napolitaans dagblad zal de dood van deze priester 吒martelaar van de plicht因 al bekend maken. Bartolo Longo treurt om hem; op een dag in oktober ziet hij echter Pasquale Smaldone, broer van Filippo, verschijnen, die verklaart dat de laatste in leven is; terwijl hij alle tekenen tot sterven aangaf van een aanstaande dood, had hij zijn rozenkrans om zijn pols gewikkeld, onophoudelijk rozenhoedjes biddend en daarbij de Maagd van Pompeï aangeroepen. De volgende dag was hij buiten levensgevaar. Bartolo Longo besluit zijn verhaal als volgt: 吒De algemene “schipbreuk” is don Smaldone bespaard gebleven dankzij de mystieke kroon van de Rozenkrans van Maria因. Filippo gaat weldra in Pompeï een Mis vieren ter dankzegging aan God.
De 吒Vrome Bond因 die sinds 1875 priesters verbindt die zich inzetten voor de opvoeding van doofstommen komt maar niet tot stand in de hoedanigheid van een stabiele religieuze congregatie. Don Smaldone vraagt zich af wat nu Gods Wil is. Hij meent die te ontdekken in de stichting van een congregatie van zusters die is toegewijd aan de evangelisatie en opvoeding van de doven. Drie meisjes zijn bereid met hem dit plan, dat hij toevertrouwt aan Onze-Lieve-Vrouw van de Rozenkrans, te verwezenlijken. Een dringend beroep om stichting van een huis voor dove kinderen wordt op het Napolitaanse werk gedaan door de notabelen van Lecce, voornaamste stad van Terra di Otranto, 400 km ten oosten van Napels. Eerwaarden Apicella en Smaldone komen in maart 1885 in Lecce aan met de vers ingeklede drie meisjes. Ze worden met blijdschap begroet door de aartsbisschop, Mgr. Luigi Zola..
Niettemin zijn de eerste maanden van het werk niet gemakkelijk. Don Apicella is een gedreven, maar warhoofdig priester die Lecce na een paar maanden verlaat, de magere financiële middelen, bijeengebracht voor de stichting, met zich meeneemt en don Smaldone en de drie zusters in behoeftige omstandigheden achterlaat. Filippo stelt Mgr. Zola ervan op de hoogte. Deze reageert verbolgen, verklaart teleurgesteld te zijn in de stichters door wie hij zich bedrogen voelt. De donateurs van Lecce vragen Filippo dan om restitutie van hun giften. Deze verliest de moed echter niet en blijft ter plaatse. In september 1885 vertrouwt een jonge moeder haar baby van zes maanden, Serafina, die symptomen van doofheid vertoont, toe aan het werk in wording. Langzaam maar zeker worden er andere kinderen opgenomen. In oktober 1887 stelt de burgemeester van Lecce, na inspectie van het huis, het volgende verslag op 吒De meisjes, nu acht in getal, slapen in gescheiden bedden en worden gevoed en verzorgd op werkelijk lovenswaardige wijze… Dit instituut is zeer nuttig, maar de financiële toestand maakt het niet mogelijk er meer dan acht in het pensionaat op te nemen; het is volledig afhankelijk van de giften van de burgers van Lecce.因 Met dit gunstig verslag wint don Smaldone de sympathie van de inwoners terug. Zij zijn opnieuw bereid zijn werk te steunen en daar komt nog die van de gemeente bij. Hij kan de Voorzienigheid aan wie hij zich volledig had overgeleverd dankzeggen..
Onder het embleem van het doorboorde Hart
Filippo wil niets doen zonder de instemming van Mgr. Zola; deze komt terug op zijn aanvankelijke vooringenomenheid en neemt het werk dat zich ontwikkelt voortaan ter harte. Op 25 maart 1886 geeft don Apicella don Smaldone volledig gezag over de stichting van Lecce. Het jaar daarop verheft de aartsbisschop het instituut van de Zusters Salesianen van het Heilig Hart tot vereniging volgens diocesaan recht, met verwijzing naar Heilige Franciscus van Sales; deze heilige wordt vereerd als de hemelse patroon van de doven. De bisschop van Genève heeft inderdaad zeventien jaar lang, van 1605 tot aan zijn dood, een jeugdige dove van zijn bisdom, Martin, onder zijn hoede genomen; hij heeft hem zelf geduldig lesgegeven en de catechismus onderricht. Bovendien had hij als embleem voor de orde van de Visitatie een doorboord hart gekozen dat is omringd door een doornenkroon, met de initialen van Jezus en Maria. Don Smaldone zal dit embleem ook voor zijn eigen religieus instituut gebruiken.
In 1895 acht de aartsbisschop van Lecce het moment gekomen om de Zusters Salesianen van de Heilige Harten te verheffen tot een religieuze congregatie. Mgr. Zola kent zich in het decreet het initiatief toe alsook de rol van stichter van het werk. Hij schijnt te vergeten dat don Smaldone, die in deze tekst zelfs niet wordt genoemd, de enige initiatiefnemer van dit project was; zonder zijn volharding in weerwil van de bittere woorden van de prelaat, zou de congregatie nooit hebben bestaan. Maar nederig als hij is, zegt Filippo geen woord. Hij verheugt zich over het zienderogen toenemende aantal religieuzes en dat hij gehoor kan geven aan talloze aanvragen voor een stichting, met name in Rome in 1896 dat later het Generalaat zal worden. Het jaar daarna begint Don Smaldone, op verzoek van de autoriteiten van Bari, in die stad arme, zieke, maar niet noodzakelijkerwijze slechthorende kinderen te verwelkomen. Nadat hij de Zusters Salesianen naar Rome en naar Florence heeft gestuurd om zich deze opvoedingsmethode eigen te maken, ontvangt hij in 1900 blinde meisjes. In 1902 kan hij, dankzij de hulp van de nieuwe aartsbisschop van Lecce, een oud karmelietenklooster, de 吒Scalze因 (de Geschoeiden) verwerven, voorzien van een mooie barokkerk..
Het huis is “volgeboekt”
In de loop van de zomer van 1907, echter, schorst de gemeente Lecce, dat in de handen is gevallen van de Socialisten, iedere financiële steun aan de Zusters Salesianen.. Voor deze ideologen moeten alle werken van opvoeding in de handen van de Staat blijven. De antiklerikale kranten zetten een lastercampagne op touw. Een gemeentelijke commissie verblijft de hele maand augustus in het 吒Pia Casa因 voor een nauwgezet onderzoek, in de hoop motieven te vinden de zusters te blameren; er wordt een negatief verslag gepubliceerd. Hoewel onpartijdige kranten de misvattingen en laster in deze tekst aan het licht brengen, zijn het bange dagen voor don Smaldone. Hij lijdt vooral onder de perfide beschuldigingen met betrekking tot de kuisheid van de zusters en zijn eigen priesterlijke eerbaarheid. Zonder te proberen zijn onschuld aan te tonen, nemen hij en de Zusters Salesianen hun toevlucht tot nog intensere gebeden. De Voorzienigheid blijft niet in gebreke met hulp en vindt voor hen voldoende weldoeners om de geschorste gemeentelijke steun te compenseren. Vanaf oktober 1907 kan Filippo antwoorden op de laster door in Lecce een College voor Hoger Onderwijs voor meisjes te openen dat weldra is 吒volgeboekt因..
De aartsbisschop van Lecce wenste voor het Salesianer Instituut een officiële erkenning van de Paus. Maar na de lastercampagne wil de Heilige Stoel eerst opheldering van de situatie en benoemt een Apostolisch Visiteur die zich achtereenvolgens naar alle huizen van het instituut begeeft. Don Smaldone aanvaardt deze Romeinse controle met blijdschap. In 1912 wordt de congregatie aangesloten bij de Orde der Franciscanen. In 1915 publiceert de Heilige Stoel het 吒Decreet van Lof因, etappe die voorafgaat aan de definitieve goedkeuring van de Congregatie, welke in 1925 zijn beslag zal krijgen.
Don Filippo put zijn apostolische vitaliteit uit een diepgaand contemplatief leven; al zijn beslissingen zijn langdurig overwogen in gebed. Zijn twee voornaamste devoties betreffen de verering van de Heilige eucharistie en de liefde voor de Allerheiligste Maagd Maria. Zijn eucharistische devotie blijkt uit de zorgvuldig voorbereide, prachtige religieuze officies die de menigten aantrekken naar de kerk van de Scalze . Hij richt een eucharistische vereniging op van priesters-aanbidders en een andere van dames-aanbidsters. Don Smaldone preekt twee fundamentele waarheden die hij heeft geput uit de geschriften van heilige Alfonsus van Liguori: 吒Hij die bidt zorgt voor zijn zielenheil, hij die niet bidt verdoemt zich因; en: 吒De ware dienaar van Maria kan zich niet verdoemen.因
In 2007 verklaarde Paus Benedictus XVI: 吒Het ware gebed bestaat eruit onze wil te verenigen met die van God. Derhalve betekent bidden niet de werkelijkheid en de daarin besloten verantwoordelijkheden ontvluchten, maar die tot het einde aanvaarden, daarbij vertrouwend op de trouwe en onuitputtelijke liefde van de Heer. Dierbare Broeders en Zusters, het gebed is geen bijkomstigheid, een optie, maar het is een kwestie van leven en dood. Inderdaad kan alleen hij die bidt en op God vertrouwt met de liefde van het kind tot zijn ouders, het Eeuwig Leven dat God zelve is binnengaan因 (4 maart); en ook nog: 吒Er bestaat geen enkele vrucht van genade in onze heilsgeschiedenis die het kan stellen zonder de bemiddeling van Onze-Lieve-Vrouw因 (12 mei).
Geen opvoeding zonder liefde
Filippo heeft als eerste principe: 吒Men mag niet opvoeden als men niet liefheeft因 De liefde voor de leerling telt in zijn ogen zwaarder dan de gebruikte techniek. In 1893 publiceert hij een intern reglement waarin hij zijn onderwijsmethodes voor de doven uiteenzet. Overeenkomstig de geest van heilige Franciscus van Sales, worden zachtmoedigheid, geduld en begrip aanbevolen aan hen die deze kwetsbare en door hun handicap gekwetste kinderen lesgeven. Lijfstraffen en hardvochtige berispingen zijn verboden. Don Smaldone en zijn Zusters gaan de uitdaging aan om de doven nauwkeurig de grote mysteries van het christelijk geloof bij te brengen, zoals dat van de werkelijke Tegenwoordigheid van Jezus in de geconsacreerde Hostie. De stichter zegt herhaaldelijk tegen zijn zusters dat zij verantwoordelijk zijn voor het heil van de meisjes die hun zijn toevertrouwd, want of die zich openstellen voor het geloof, de hoop en de liefde van God hangt af van de opvoeding die zij hun geven. Daarentegen belooft hij de Hemel aan hen die het beste van zichzelf hebben gegeven aan deze opvoedkundige taak. Hijzelf zal vijftig jaar lang het levende voorbeeld zijn van een dergelijke gave die wordt ingegeven door een vurige liefde voor God en de naaste.
Korte tijd na zijn gouden priesterjubileum, gevierd in september 1921 in aanwezigheid van alle notabelen van Lecce, krijgt don Smaldone suikerziekte en hartklachten die hem weldra dwingen zijn talrijke apostolaten buitenshuis te onderbreken. Dat gedwongen niets doen valt hem zwaar. De intense hitte van de zomer van 1922 put hem uit en hij kan nog maar ternauwernood de Mis opdragen. Terwijl zijn krachten afnemen wordt zijn innerlijke gehechtheid aan Gods Wil sterker; terwijl hij veel te lijden heeft sticht hij de aanwezigen door zijn geduld en bovennatuurlijke geestesgesteldheid. Op 4 juni 1923, honderd jaar geleden, geeft hij in alle rust de geest. Filippo Smaldone is door heilige Johannes Paulus II zaligverklaard in 1994, en heiligverklaard door Benedictus XVI op 15 oktober 2006.
De congregatie van de Zusters Salesianen (dove en slechthorende kinderen van beide geslachten, en andere handicaps) telt momenteel ongeveer 350 zusters, verdeeld over veertig huizen (buiten Italië: Brazilië, Benin, Rwanda, Tanzania, Polen en de Filippijnen).
吒Heilige Filippo Smaldone zag bij de doofstommen de weerspiegeling van de beeltenis van Jezus, en hij had de gewoonte te herhalen dat we, zoals we neerknielen voor het Allerheiligst Sacrament, we ook moeten knielen voor een doofstomme. Laten we zijn voorbeeld beschouwen als een uitnodiging om de liefde voor de Eucharistie nooit los te zien van de liefde voor de naaste. Sterker nog, het ware vermogen onze medemensen lief te hebben kan slechts voortkomen uit de ontmoeting met de Heer in het sacrament van de Eucharistie因 (Homelie bij de heiligverklaring).












